Dwaze liefde, 1

Toen ik op de Universiteit van Peking zat, trained ik elke namiddag tussen vijf uur en zes uur met een turnenteam voor mannen. De team won elk jaar de turnenkampioenschappen voor de studenten in Beijing. Waarom trainde ik niet met een vrouwenteam? Omdat die niet bestond. De vrouwelijke studenten haalden niet eens de voorronde voor de wedstrijd.

In de turnensteam wemelde het van knappe mannen. Met spierballen die je kon tellen, en die helemaal opgebold raakten als de jongens een drievoudige salto maakten of over bokken sprongen. Ik mocht van de trainer op de matten enkelvoudige salto’s oefenen. Ook leerde ik van hem op een ijzeren stellage op mijn kop te staan en in die positie zo lang mogelijk te blijven.

Een van de turners vond ik leuk, let wel, ik hem hem leuk en hij mij niet. Maar in mijn hartstocht en erdoor gevoede dwaasheid meende ik vaker dan de werkelijkheid lief was dat hij mij zag zitten. Hij studeerde natuurkunde en ik Engels. Op een dag vroeg hij mij een Chinese CV voor hem te vertalen. Ahá, dacht ik, zie je wel, hij vond mij toch leuk. Anders zou hij mij niet om hulp hebben gevraagd.

Ik zette mijn beste beentje voor en vertaalde de tekst mooi en snel. Een week daarna vroeg ik hem of hij met mij in de campus langs het Weiming Meer wilde wandelen. Een Chinese variant van ‘Wil je met mij naar de film?’

Foto: Ye Huang
31 okt. 2011

Dwaze liefde, 2

Einde deel 1 luidt: “Ik zette mijn beste beentje voor en vertaalde de tekst mooi en snel. Een week daarna vroeg ik hem of hij met mij langs het Weiming Meer in de campus wilde wandelen. Een Chinese variant van ‘Wil je met mij een kopje koffie drinken?’
———————
Het paste helemaal niet bij mij om de eerste stap naar een jongen te maken, eerlijk gezegd. De leeuwenmoed om dit te doen had ik te danken een film die ik de avond voor dat aanzoek had gezien. ‘Sense and Sensibility’ heette die film. Een van de eerste romantische westerse movies die dankzij de Openstellingspolitiek sinds 1978 in China vertoond mocht worden. Daarvoor hadden wij alleen naar films gekeken die ons aanspoorden om de klassenstrijd en de revolutie tot het bittere einde te voeren. O, wat had ik gisteravond gebloosd en stiekem gesmuld van kusscènes die ik had gezien. Aangemoedigd door die Engelse frivoliteit had ik dus de stoute schoenen aangetrokken de turner te vragen met mij een rondje langs het Weiming Meer te wandelen.

Er viel een stilte nadat de jongen mij aangehoord had. Sorry, Lulu, antwoordde hij, maar hij had al een vriendin. Ik liet mij geen twee keer zeggen en ging als een gekke fietsen. Het donderde niet waar naar toe ik moest gaan, als ik maar weg bij de plaats van mijn liefdeswaterloo was. Amper twee minuten later botste ik tegen de zijkant van een rijdende bestelwagen. De chauffeur stapte geschrokken uit, maar ik glunderde. Eindelijk kwam mijn fantasietrein over de turner tot stilstand.

Gelukkig was ik niet gewond. Alleen de voorwiel van mijn fiets vertoonde een S vorm. Ik bood de chauffeur excuses aan en haastte me naar de bibliotheek. Daar haalde ik het boek dat een medestudente zat te lezen onder haar neus vandaan en stelde haar een portie roodgeroosterd varkensvlees bij ons in de kantine in het vooruitzicht. Op voorwaarde dat ze mijn rivaal zou localiseren.

Wordt vervolgd.